Chiropractie is een vorm van manuele therapie en richt zich op de behandeling van bewegingsbeperkingen in de gewrichten, voornamelijk van de wervelkolom. In chiropractie wordt niet gesproken van een gewricht maar van een bewegingseenheid (motion unit). Deze functionele eenheid bestaat niet alleen uit de aanpalende botstructuren van het gewricht,  maar ook uit alle zachte weefsels die zich in en rondom het gewricht bevinden zoals spieren, ligamenten, bloedvaten en zenuwen

Door bewegingsbeperkingen kunnen zenuwen in de knel komen en ontvangen weefsels en organen niet meer de juiste prikkeling ( dus een verstoorde signaal overdracht).

Chiropractie zorgt ervoor dat deze ‘gewrichtsunits’ weer onbeperkt kunnen bewegen, waardoor het lichaam optimaal kan functioneren.

Meestal zijn deze bewegingsbeperkingen van de gewrichten niet zichtbaar op röntgenfoto’s, waardoor deze in de regel niet ‘opgemerkt’ worden, omdat het geen ‘ botprobleem’ is maar te maken heeft met de signaaloverdracht van de zenuw.

In de reguliere diergeneeskunde wordt bovendien alleen gekeken naar de beweeglijkheid van de rug of nek als geheel, terwijl onder andere  een chiropractor er specifiek op getraind is om ook zeer plaatselijke en zeer subtiele bewegingsbeperkingen op te sporen en op te heffen. Chiropractie is er dus niet om de diergeneeskunde te vervangen, maar leent zich zeer goed als aanvulling hierop.

Chiropractie is geen “bottenkraken” zoals veel gedacht wordt. Het is een veilige manier van behandelen en is niet (of nauwelijks) belastend voor het dier. Integendeel, het wordt door het dier ook vaak als prettig ervaren!

Elke bewegingseenheid met verminderde mobiliteit wordt behandeld d.m.v. een ‘’adjustment’’ . Dit is een korte, snelle, gecontroleerde kracht die het gewricht aan hoge snelheid beweegt in de richting van de verminderde beweging, juist tot in de parafysiologische ruimte (FIGUUR). Desondanks het feit dat een adjustment af en toe kortstondig pijnlijk kan zijn, laten de meeste dieren een behandeling goed toe (Fig. 3). Dit omdat bijna onmiddellijk een ontlasting gevoeld wordt. In een klein aantal van de gevallen dient de behandeling te gebeuren onder lichte sedatie. Doorgaans zijn er twee tot drie sessies nodig om tot een goed resultaat te komen. Verder wordt geadviseerd het dier één tot twee keer per jaar preventief te laten onderzoeken om de ontwikkeling van overcompensaties te voorkomen.
Wanneer kan chiropractie mogelijk uitkomst bieden?

Soms merkt u veranderingen aan uw huisdier en is hij verder klinisch gezond, dus zou er eigenlijk niks aan de hand mogen zijn. Echter kan de hond, net als wij, soms stijver zijn of ergens pijn hebben, zonder dat dit direct duidelijk terug te vinden is zonder manuele therapie ( het‘ voelen waar hij pijn heeft en hier behandelen’ ) . Enkele voorbeelden:

Honden:

  • Bij onverklaarbaar manken ( kreupelheid) , ofwel manken waarvoor geen oorzaak gevonden is tijdens het reguliere onderzoek
  • Onverklaarbaar conditieverlies; dus ook als er helemaal geen sprake is van kreupelheid, maar uw hond gedraagt zich geleidelijk aan of plotseling als een oude hond, terwijl dat qua leeftijd en conditie nog niet direct te verklaren is
  • Als uw hond zich niet meer lekker volop kan uitschudden (kan komen door een pijnlijke nek of rug)
  • Als uw hond spontaan een pijnuiting geeft, bij bepaalde bewegingen
  • Bij zogenaamde “herniaklachten”: pijn en/of dubbeltreden (nagels schuren over de grond, omdat voeten niet goed opgetild worden tijdens het lopen)
  • Als hulp bij revalidatie: als uw hond – om wat voor reden ook – een tijdlang kreupel gelopen heeft, wordt de rug verkeerd belast. Dit kan extra pijn veroorzaken
  • Bij (oudere) honden met artrose (bv. heupdysplasie), waarbij ook bijna altijd secundair rugproblemen voorkomen. Chiropractie werkt dan niet genezend, maar door regelmatige behandeling ontwikkelt de aandoening minder snel en wordt de kwaliteit van leven verbeterd
  • Als uw hond onverklaarbaar likt aan een bepaalde poot (likeczeem). Dit kan komen door tintelingen als gevolg van een beknelde zenuw. De laser kan hierbij ter aanvulling gebruikt worden

Katten:

  • Als uw kat minder soepel, maar stijf of schokkerig beweegt, minder op meubels springt of kleinere sprongetjes maakt i.p.v. één grote sprong
  • Als uw kat meer slaapt en minder speelt of jaagt
  • Als uw kat zichzelf minder goed verzorgt (met een pijnlijke rug kan een kat zich niet goed meer wassen)
  • Als uw kat minder vriendelijk is tegen kinderen of andere katten

Preventie
Veel jonge honden en katten lopen ongemerkt blessures op, waarbij kleine spiertjes in de nek of rug verkrampt raken, over het algemeen zonder dat de dieren dat laten merken. Deze verkrampte spiertjes zorgen voor een bewegingsbeperking, waardoor de souplesse van de rug minder wordt. Hierdoor kunnen weer makkelijker nieuwe blessures opgelopen worden. Wanneer hier niets aan gedaan wordt, kan dit op latere leeftijd leiden tot milde of ernstige pijnklachten. Dit komt omdat jarenlang andere delen van de rug overbelast zijn (compensatiegedrag) waardoor artrose of vergroeiingen in de rug kunnen ontstaan.
Het is daarom belangrijk om deze bewegingsbeperkingen in een zo vroeg mogelijk stadium op te sporen en op te heffen. Zo voorkom je ‘ secundaire’ veranderingen in het lichaam die later problemen kunnen geven. Zeker honden die ‘werken’ ( agility of pakwerk, maar ook jachthonden, flybal honden of sledehonden), hebben baat bij een ‘ check-up’, om problemen in de toekomst te voorkomen. Honden die competities doen kunnen de kans op blessures verminderen, omdat potentiele problemen kunnen worden opgemerkt voordat er een probleem ontstaan is.

Wat is het verschil met fysiotherapie en osteopathie?

Alle drie de therapieën zijn manuele therapieën. In fysiotherapie wordt gebruik gemaakt van passieve mobilisatie. Dit is het langzaam bewegen van het gewricht binnen zijn passieve bewegingsbereik (rode lijn, Fig. 1). Er wordt geen gebruik gemaakt van hoge snelheidstechnieken zoals manipulatie (niet gewrichtsspecifiek) en adjustment (specifiek gericht op één gewricht). In osteopathie worden zowel passieve mobilisatie als manipulatie en adjustment toegepast. In tegenstelling tot chiropractie is de uitgeoefende kracht in osteopathie niet altijd specifiek gericht op één enkel gewricht en wordt er ook gebruik gemaakt van hefboomtechnieken. Het adjustment is de voorkeurstechniek in chiropractie. Er wordt gewerkt aan één gewricht tezelfdertijd en dit over een zo kort mogelijk afstand tot het gewricht.

Bij osteopathie wordt er  niet alleen gekeken naar de klachten van het bewegingsapparaat, maar ook naar  het orgaansysteem ( inwendig) , het zenuwstelsel en het cranio-sacrale systeem, het is dus iets breder dan fysiotherapie en chiropractie.

Uiteindelijk is het doel van al deze manuele therapieën hetzelfde nl. een verbeterde mobiliteit van het bewegingsstelsel.

Werkwijze

Bij paarden kom ik op verplaatsing, de honden worden het best op de praktijk behandeld in verband met de tijd, tenzij verplaatsen geen mogelijkheid ( meer) is.

Er wordt altijd begonnen met de Anamnese; is het een doorverwijzing van een collega, hoe lang is het probleem aan de hand,  hoe is de evolutie hiervan, zijn er onderzoeken gedaan etc. Daarna volgt de inspectie en de ganganalyse ( de paarden bijvoorbeeld aan de longeerlijn indien mogelijk, of aan de hand ).  De palpatie en de bijbehorende adjustments volgen waar nodig. De behandeling van chiropractie wordt vaak afgewisseld met fysiotherapie, omdat deze therapie vooral de bespiering aanpakt en zo aanvullend werkt op de behandeling. Indien nodig wordt ter aanvulling ook de laser gebruikt, zeker bij artrose en pijn, maar ook andere onderdelen. Voor meer informatie zie (Fysiotherapie)